Doorbraak toewijzingen octrooi op klassieke veredelingsproducten

Een deel van de genetische diversiteit van planten wordt zo geblokkeerd, veredelaars hebben minder materiaal om mee te werken. Nu de octrooien niet meer verleend worden, kunnen veredelaars weer ontwikkelen met bepaalde genetische eigenschappen waar zij eerder geen toegang tot hadden. "Na een lang proces kunnen we nu eindelijk de vruchten plukken van het gedane werk binnen de politieke arena. De richtsnoeren die bij het toekennen van patenten worden gehanteerd zullen worden aangepast. Hierdoor wordt voorkomen dat groente en fruit in de handen van een klein aantal grote bedrijven komt te liggen", aldus Jan Huitema, Europarlementariër voor de VVD.
Wereldvoedselvoorziening
Nederlandse veredelaars kunnen rassen maken die in specifieke omstandigheden goed gedijen. Rassen worden toegesneden op specifieke omstandigheden, bijvoorbeeld droogte, hitte of een arme bodem. Daarmee zijn zij belangrijk voor de wereldvoedselvoorziening. Dat de octrooien niet meer verleend worden is goed voor de sector. Nederland kan op deze manier haar concurrentiekracht vergroten. Innovatie is belangrijk voor de voedselzekerheid.
Langlopende discussie
Al sinds 2012 is de Europese Unie bezig met de discussie over de octrooien nadat de Kamer van Beroep van het EOB had besloten dat rassen die via klassieke veredelingsmethoden zijn verkregen in aanmerking kwamen voor octrooien.
Nu, vijf jaar later, is de laatste stap in de discussie gezet. Producten die tot stand zijn gekomen door klassieke veredeling komen niet voor een octrooi in aanmerking.
Tekst: Redactie Agrio, Ministerie van Economische Zaken
Beeld: Ruth van Schriek
