
‘NKG nog wel eens een worsteling’

Tijdens de Inspiratiedag Boeren met Levende Bodem in Wageningen was het de bedoeling om samen met telers te bespreken hoe conserverende landbouw naar een hoger niveau te tillen is. Bernaerts is als adviseur bijna twintig jaar bezig met deze conserverende landbouw. Hij vat de principes samen als ‘niet-kerend, bedekt houden en werken met diversiteit’.
Volgens akkerbouwer Dingeman Burgers uit Zevenbergschen Hoek moet je als teler altijd veel meer aanpassen dan enkel stoppen met ploegen. „Je moet het altijd breder trekken dan NKG. Denk ook aan groenbemestersmengsels bijvoorbeeld. De schepping of de natuur zit zo mooi in elkaar. Dat is het uitgangspunt waarmee je zou moeten beginnen.”
Burgers stelt in zijn inleidende woorden als boerenspreker op de themadag dat de bodem vooral heel veel zelf kan. „Het leerpunt is dat wij vaak veel te actief zijn. Soms moet je dingen gewoon niet doen.” Als voorbeeld noemt hij het toch wat langer wachten met het inwerken van de groenbemesters. „Je ziet natuurlijk pas na een paar maanden of dat verstandig geweest is. Ik werk trouwens al een paar jaar met schapen op de groenbemesters, een fantastisch systeem.”
Verfijning
Het laaghangend fruit bij de ontwikkeling van een meewerkende, levende bodem hebben de telers met NKG-ervaring ondertussen wel gevonden, stelt Burgers. Hij denkt daarom dat de zoektocht naar het beste systeem van conserverende landbouw voor de volgende uitdaging staat. De verfijning ervan vraagt nieuwe kennis en ervaring.
Hoogleraar ondergrondse biologie Liesje Mommer zegt dat ze de kracht van natuurlijke ecosystemen zoekt en wil proberen die goede bodemeigenschappen, vaak uit bossen en andere natuur, te benutten in landbouwsystemen. Daarbij zijn tussenteelten met groenbemesters sleutels in de aantrekking van de juiste bodemorganismen die de symbiose met het hoofdgewas aan kunnen gaan. Planten zetten het bodemleven naar hun hand door het te sturen met wortelexudaten. Mommer: „Ze gaan met de uitscheiding van die exudaten tot wel een kwart van hun suikers ‘lekken’ naar de bodem.”
De grootste hulp voor de meeste gewassen zit in de symbiose met mycorrhiza-schimmels. „Wel 80 procent van de planten op aarde maakt gebruik van die symbiose”, zegt Mommer. „Voor koolstofvastlegging zie ik daarin megaspannende ontwikkelingen. Mycorrhiza-schimmels leggen jaarlijks wel 30 procent van onze koolstofuitstoot vast.” Ze ziet hier een rol voor de landbouw, die de samenwerking met de levende bodem verder kan uitbreiden. De uitwerking van grondbewerkingen is negatief voor de myucorrhiza’s. Daarom kunnen conserverende systemen bijdragen aan meer koolstof in de bodem en weerbaarder teeltsystemen.

Tekst: Jorg Tönjes
Beeld: Jorg Tönjes

