
Zo behaalt Jurgen Siebring €600,- meeropbrengst per hectare

Op zijn akkerbouwbedrijf van 120 hectare in het Drentse Nieuw-Dordrecht, kiest Jurgen Siebring voor een 1 op 4 teelt van fritesaardappelen. De oogst bewaart hij op het eigen bedrijf tot bij voorkeur eind mei. Hoe anders was dat een aantal jaren terug toen hij nog 1 op 2 zetmeelaardappelen teelde. De intensiteit van het bouwplan ging echter ten koste van de bodemkwaliteit. Bovendien bleef het teeltrendement achter en de problemen met ziekten en plagen zoals rhizoctonia en nematoden namen toe. Door de inzet van resistente rassen waren die weliswaar weer redelijk beheersbaar, maar dat ging wel ten koste van de zetmeelopbrengst. En omdat schaalvergroting voor Siebring lastig is vanwege de hoge grondprijzen, kwam juist de bodemkwaliteit voor hem op de eerste plaats. Naast de aardappelen teelt hij nu suikerbieten, zomer- en wintergraan, cichorei, valeriaan, waspeen en uien. De waspeen 1 op 8 en de uien 1 op 6.
Data voor teeltoptimalisatie
“Onze grondsoort varieert van dalgrond tot leemgrond, het organische stof percentage van zeven tot twaalf procent. Mooie vruchtbare grond voor de consumptieteelt. Mijn streven is om met een goede bodemkwaliteit een weerbaarder gewas te krijgen dat minder vatbaar is voor ziekten en plagen”, aldus Siebring. Door zijn interesse in precisielandbouw, is Siebring ook actief met drone-opnames, taakkaarten en opbrengstmetingen. Ook liet hij zijn bodem met de Veriscan scannen. Alle data wil hij combineren om grip te krijgen op de verbeterpunten in de teelt. “Achterblijvende opbrengsten hebben een oorzaak, maar je moet eerst weten waardoor het komt voordat je gerichte maatregelen kunt treffen”, vindt Siebring. Die benadering past volledig binnen de opzet van zijn rol als pilotbedrijf voor McCain.
Investeren in de bodem
In zijn streven naar optimalisatie van de teelt, kwam Siebring ook op het spoor van Vizura. Dit is een nitrificatieremmer die het beschikbaar komen van nitraat vertraagt uit dierlijke mest. Daardoor komt de stikstof gedurende een langere periode meer geleidelijk vrij. Het wordt dus beter gedoseerd over het groeiseizoen. Veelal over een periode van 2,5 tot 3 maanden. Enerzijds profiteert het gewas daarvan, anderzijds is de uitspoeling lager. Siebring kiest dierlijke mest als basisbemesting en tijdens de teelt vult hij naar behoefte aan met bladbemesting of KAS. Vizura past goed in die strategie.
"Het mes snijdt aan twee kanten. Ik haal meer rendement uit mijn mest en het gewas kan het optimaal opnemen"
Jurgen Siebring
Hij paste Vizura binnen een proef van McCain in een dosering van drie liter per hectare toe met de spuitmachine, een dag voordat de mest geïnjecteerd werd. Na opkomst van de aardappelen volgende hij het gewas nauwkeurig, maar kon visueel geen verschil zien. “Dat is ook logisch, want een verschil van tien procent zie je niet met het blote oog”, is zijn ervaring. Tijdens de oogst werd de meerwaarde van Vizura echter wel duidelijk. De aardappelrooier is voorzien van opbrengstmeting. Daar bleek al dat er een meeropbrengst van drie ton aardappelen aan Vizura toe te schrijven was. “Dan heb je het wel over vijf tot zes procent extra opbrengst terwijl de kwaliteit gelijk blijft. Omgerekend zit je dan al snel op €600,- per hectare terwijl de toepassing een paar tientjes per hectare is.” Dat de toepassing een vervolg krijgt, staat voor Siebring wel vast.
Stikstofefficiëntie verbeteren
Aardappelverwerker McCain zet met haar regeneratieve landbouw-programma sterk in op het verbeteren van bodemgezondheid, nutriëntenbenutting en milieu-prestaties. Een nitrificatie-remmers zoals Vizura past hier in principe goed bij doordat het de stikstofbenutting uit dierlijke mest verbetert, zo blijkt uit de voorlopige resultaten van meerjarige proeven.
Met haar regeneratieve programma ondersteunt McCain telers die elementen van regeneratieve landbouw willen onderzoeken en doorvoeren in hun bedrijf. Daarbij kiest ze voor indicatoren zoals een weerbare bodem, gewasdiversiteit, minimale bodembewerking, optimale input-efficiëntie en een hoger gehalte aan organische koolstof in de bodem. Deze meetbare doelen helpen om vooruitgang in bodemgezondheid en duurzaamheid zichtbaar te maken. Een onderdeel van deze aanpak is het verbeteren van de stikstofefficiëntie. Technieken die stikstofverlies beperken, zoals het gebruik van nitrificatieremmers, dragen bij aan een betere benutting van voedingsstoffen en dus een lagere milieubelasting.
Stikstof komt geleidelijk beschikbaar
Vizura is een nitrificatieremmer van BASF met als werkzame stof DMPP (3,4-dimethylpyrazol fosfaat). Dit vertraagt de microbiële omzetting van ammonium naar nitraat in de bodem. Hierdoor blijft stikstof langer beschikbaar voor het gewas en is deze minder gevoelig voor uitspoeling naar het grondwater. De voordelen van de toepassing zijn duidelijk:
-
Hogere stikstofefficiëntie
-
Betere gewasopname
-
Minder nitraatuitspoeling
-
Een lagere uitstoot van lachgas (N2O)
Vizura wordt meestal toegediend tijdens of vlak vóór het uitrijden van mest en kan in de bodem 10 tot 14 weken effectief zijn. Dit is mede afhankelijk van de bodemomstandigheden. Hoewel Vizura geen officieel onderdeel is van regeneratieve programma van McCain, sluit het gebruik ervan goed aan bij de doelstellingen: efficiënter stikstofgebruik, een gezondere bodem en een lagere milieu-impact.