
Guus Bergmans van BASF:
"Roeien met de riemen die je hebt"

“Met het huidige pakket bestrijden we de valse meeldauw in zaaiuien met middelen uit slechts drie verschillende FRAC-groepen”, steekt Guus Bergmans van BASF van wal. “In elk middel komt bijvoorbeeld een strobilurine voor. Het zijn wel verschillende strobilurines. En in de combi’s Zorvec-Kenbyo en Orondis Plus Amistar is de tweede actieve stof identiek. We hebben dus te maken met een smalle basis. De systematiek voor resistentiemanagement is vastgelegd in FRAC-regels. Zou je die strikt toepassen, dan houd je maar vier bespuitingen over. Wettelijk komen we gelukkig tot acht en daarmee houden we de meeldauw in een gemiddeld jaar net zo’n beetje onder controle, maar het blijft roeien met de riemen die we hebben.”
"Voor de praktijk blijft een afwisselschema het enige aanbevolen recept”
Guus Bergmans van BASF

Goed opgepakt
Seizoen 2025 was uit oogpunt van de valse meeldauw gelukkig vrij rustig en er zijn in de praktijk dan ook geen grote problemen geweest, weet Bergmans. “In onze proeven hebben we wel wat meeldauw gezien maar de ziekte was over het algemeen goed onder controle te houden.” In de proeven waar Bergmans aan refereert lag de focus vooral op de prestaties van de nieuwe middelencombinatie met Zorvec Epicaltrin en Kenbyo FL. “Die combinatie is goed opgepakt door de praktijk en we hebben er ook geen klachten over gehoord. In gewasbeschermingsland is dat een goed teken”, lacht de technisch productadviseur van BASF. “We hebben de Zorvec-Kenbyo combinatie ook in een doorspuitschema beproefd, waarbij je dus een heel seizoen hetzelfde middel toepast en dat gaf prima resultaten. Maar voor de praktijk blijft een afwisselschema het enige aanbevolen recept.” Bergmans voegt daar nog aan toe dat bij de Kenbyo-Zorvec combi altijd een olie moet worden toegevoegd voor een betere opname en werking.
"Nooit wachten tot je valse meeldauw ziet of er over hoort, want valse meeldauw moet je gewoon altijd voor zijn”
Guus Bergmans van BASF
Beetje verlichting
Komend seizoen brengt BASF het nieuwe valse meeldauw middel Divexo op de markt. “Dit zal een beetje verlichting geven in het spuitschema en dat is uiteraard zeer welkom”, stelt Bergmans. “Maar de grootste klap maak je door op tijd te beginnen. We hebben immers alleen preventieve middelen. Dus nooit wachten tot je valse meeldauw ziet of er over hoort. Want valse meeldauw moet je gewoon altijd voor zijn.”
Divexo verlicht de druk en ondersteunt resistentiemanagement
Het nieuwe valse meeldauwmiddel Divexo bevat twee actieve stoffen. Deze stoffen zijn ook nieuw voor de teelt van zaaiuien. De eerste stof noemen we Initium, maar heet scheikundig ametoctradin. De tweede stof is propamocarb.“Divexo werkt in op andere aangrijpingspunten van de schimmel en dat is gunstig uit oogpunt van resistentiemanagement”, legt Guus Bergmans uit. “Het maakt Divexo een nuttige en functionele aanvulling op het middelenpakket. En ook al mag het helaas maar één keer per seizoen, het is en blijft een welkome extra bespuiting.”
Net als de andere middelen tegen valse meeldauw werkt Divexo uitsluitend preventief. Eigen onderzoek van BASF laat zien dat Divexo het beste tot zijn recht komt bij toepassing vooraan in het spuitseizoen. “De eerst of tweede bespuiting”, adviseert de technisch product specialist. “En altijd een hulpstof toevoegen; die zorgt voor een betere opname van de propamocarb en een betere verdeling van de Initium.”
Divexo in het kort
-
Preventief tegen valse meeldauw
-
Eén toepassing per seizoen
-
Twee actieve stoffen (Initium en propamocarb)
-
Ingebouwd resistentiemanagement
-
Altijd een opnameverbeteraar toevoegen
Tekst: BASF Agro
Beeld: KWOOT communicatie
