Nederland wil snellere besluitvorming over deltamethrin en lambda-cyhalothrin

‘Deze specifieke stoffen hebben in Nederland structurele overschrijdingen van de KWR-norm in het oppervlaktewater en een spoedige hernieuwde stofbeoordeling is gewenst zodat de Nederlandse middeltoelatingen hierop getoetst kunnen worden’, schrijft Silvio Erkens, staatssecretaris van LVVN, in een Kamerbrief. Hij geeft aan met een stemverklaring zijn zorgen te willen uiten over ‘het feit dat besluitvorming van de stoffen deltamethrin en lambda-cyhalothrin te lang op zich laat wachten.’
Metalaxyl-M en paraffine olie
De wijziging van de goedkeuringsvoorwaarde van de stof Metalaxyl-M is een van de agendapunten van het overleg. De werkzame stof wordt toegepast als fungicide. In Nederland is een aantal middelen toegelaten die deze werkzame stof bevatten, onder andere voor zaadcoating. Erkens zal, in lijn met het advies van het Ctgb, instemmen met het voorstel van de Europese Commissie (EC) om de huidige restrictie dat behandeld zaad alleen binnen (kassen) uitgezaaid mag worden, te laten vervallen. Dit op basis van nieuwe wetenschappelijke informatie. ‘Hierbij dient wel een maximale zaaidichtheid te worden aangehouden van 2.000.000 zaden/ha tenzij de risicobeoordeling uitwijst dat een hogere zaaidichtheid niet leidt tot onacceptabele effecten op vogels en zoogdieren’, aldus de kersverse staatssecretaris.
Een ander agendapunt betreft paraffine olie. De EC stelt voor om de goedkeuring van deze werkzame stof te hernieuwen. Nederland zal meegaan in dit voorstel. Paraffine olie wordt ingezet als insecticide en acaricide (middel tegen mijten). In Nederland zijn vier middelen op basis van deze werkzame stof toegelaten voor gebruik in aardappelen en in diverse sierteelt- en fruitgewassen.
Nieuwe versies van richtsnoeren
Verder stelt het EC voor om datavereisten (zoals vastgelegd in verordening 283/2013 en 284/2023) aan te passen om huidige wetenschappelijke en technische kennis beter mee te kunnen nemen bij de beoordeling van werkzame stoffen en gewasbeschermingsmiddelen.
‘Aanleiding voor de wijzigingen zijn nieuwe versies van de richtsnoeren voor de beoordeling van risico’s voor vogels en zoogdieren, waterbehandelingsprocessen en het vernieuwde bijenrichtsnoer waardoor aangepaste of extra gegevens moeten worden geleverd die nog niet waren opgenomen in de datavereisten. Met deze wijziging wordt juridisch verankerd dat deze gegevens onderdeel zijn van de gegevens die geleverd worden bij de aanvraag voor (hernieuwing van) een werkzame stof of gewasbeschermingsmiddel’, aldus Erkens.
Daarnaast stelt de EC voor dat de vereisten voor het leveren van gegevens over ontwikkelingsneurotoxiciteit worden aangescherpt en in lijn gebracht met nieuwe beschikbare methodieken waardoor het beschermingsniveau voor ongeboren baby’s verder wordt versterkt. Dit op verzoek van Nederland. Ook doet het EC diverse voorstellen om ruimte te bieden voor alternatieve, meer passende aanpakken om biologische stoffen te kunnen beoordelen. Het Ctgb is positief over deze voorstellen en daarom zal Nederland instemmen.
Tebuconazool
Tevens doet de EC het voorstel om de goedkeuring van 19 werkzame stoffen tijdelijk te verlengen omdat de besluitvorming buiten de schuld van de aanvrager niet tijdig is afgerond. Nederland zal dit voorstel steunen, met uitzondering van de tijdelijke verlenging van de werkzame stof tebuconazool. Dit omdat tebuconazool een van de vijf azolen is waar in 2013 een motie over is aangenomen om deze stoffen van de markt te weren.
Tekst: Renske van Valburg
Beeld: Ruth van Schriek
