NAK controleert weer op juist afdekken aardappelafvalhopen

Vooral in het begin van het seizoen zijn aardappelafvalhopen een belangrijke potentiële besmettingsbron voor de verspreiding van phytophthora. WUR-onderzoeker Geert Kessel benadrukte eerder al het belang van het tijdig aanpakken van primaire infectiebronnen zoals afvalhopen en opslagplanten.
Lees hier: 'Telers moeten niet achterover gaan leunen.'
Het is sinds vorig jaar verboden om na 1 april onafgedekte aardappelafvalhopen te hebben. De NAK voert in opdracht van de NVWA controles uit op het juist afdekken van afvalhopen. De Keuringsdienst voerde vorig jaar 680 controles uit. Volgens de NAK waren in 3 procent van de gevallen de afvalhopen niet of onvoldoende afgedekt. Telers mogen zich niet van niet-uitgeplante aardappelen of aardappelafval ontdoen. Tenzij maatregelen zijn genomen waardoor zich geen stengels met blad kunnen vormen aan de aardappelen of het aardappelafval.
Het verplicht afdekken van aardappelafvalhopen of niet-uitgeplant materiaal is onderdeel van het teeltvoorschrift phytophthora infestans in aardappelen. Andere wettelijke maatregelen binnen het teeltvoorschrift zijn het bestrijden van ziektehaarden en aardappelopslag. Sinds vorig jaar moet aardappelopslag voor 15 juni zijn vernietigd. De NVWA schrijft hierover: ‘U mag na 15 juni geen aardappelopslagplanten hebben op een perceel of terrein, als: op dat perceel of terrein of een deel daarvan zich gemiddeld meer dan 1 aardappelplant per m2 bevinden en de opslag voorkomt op minimaal 0,3 hectare.’
Boete
Wanneer inspecteurs van de NAK een overtreding van het teeltvoorschrift constateren, geven zij eerst een waarschuwing. Telers krijgen dan de mogelijkheid om de overtreding te herstellen. Wanneer dit niet, onvoldoende of niet op tijd gebeurt, dan wordt een rapport van bevindingen opgesteld en draagt de NAK het over aan de NVWA. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit kan dan vervolgens een bestuurlijke maatregel opleggen, vaak is dit een last onder dwangsom. Dat houdt in dat een teler actie moet ondernemen om de overtreding te stoppen en zo alsnog aan het teeltvoorschrift voldoet. Wanneer dat niet gebeurt, moet de teler een boete betalen.
Tekst: Renske van Valburg
Beeld: Ellen Meinen
