Column: Tijd voor herziening van het mestbeleid

Kans van de buitencategorie
De huidige situatie rond mest is schrijnend. De kwaliteit van het grondwater is sinds 2012 niet structureel verbeterd. In de mestmarkt moeten veehouders steeds meer geld betalen om mest af te kunnen voeren, terwijl mest geen afval is maar een waardevolle bron van nutriënten. Ondertussen worstelen telers om hun gewassen goed te kunnen bemesten en om de bodem goed te beheren.
Tegelijkertijd liggen er allerlei opgaven op het gebied van klimaat, stikstof, waterkwaliteit en het verdienvermogen van boeren. In het landbouwbeleid is mest een centraal thema. Herziening van het mestbeleid is een kans van de buitencategorie. Mest verbindt veehouderij en akkerbouw, heeft impact heeft op alle belangrijke opgaven en biedt nieuwe mogelijkheden op landelijk en regionaal niveau.
Samenwerking akkerbouw en veehouderij
Zowel uit recente onderzoeken als uit langjarige ervaring is bekend dat akkerbouw en veehouderij elkaar versterken. Als boeren hun bouwplannen op elkaar afstemmen, kan de meest passende mest op het juiste moment op de beste plek worden geplaatst. Dat is beter voor de portemonnee voor de betrokken boeren én voor de kwaliteit van het leefmilieu.
No shit, Sherlock. Ingewikkeld is het inderdaad niet. De kunst is om deze samenwerking als overheid beter te faciliteren. Maak het bijvoorbeeld voor twee boeren mogelijk om als partners samen de Gecombineerde opgave in te vullen. Stimuleer gebiedscoöperaties voor grond, voer en mest met passende regels, zodat samenwerking met win-wins voor boer en milieu brede opgang vindt.
Omslag van kalenderlandbouw naar doelsturing
Wel eens een speelkeukentje gezien? Met knoppen waarmee kinderen de oven bedienen en de kookplaten hoger en lager zetten? In Den Haag staat ook zo’n speelkeukentje, maar dan voor het mestbeleid. De knoppen heten dan vanggewassen, bufferstroken, rotatieverplichtingen en gebruiksnormen. Waar kinderen het spel doorzien, weet men in Den Haag niet dat die knoppen niet werken.
Het mestbeleid zit al zo’n twintig jaar in een vicieuze cirkel van strengere maatregelen met een waterkwaliteit die niet verbetert, gevolgd door strengere maatregelen, enzovoort. De tijd is gekomen om te erkennen – in Den Haag, naar boeren en naar Brussel – dat ons mestbeleid niet werkt. De omslag van kalenderlandbouw naar doelsturing op emissies kan dan met frisse energie worden ingezet.
Circulaire meststoffen
Woeste golven van een geopolitieke storm beuken in op het Europese continent. Het is meer dan tien jaar na het Klimaatakkoord van Parijs en meer dan vier jaar na de grootschalige inval van Rusland in Oekraïne. Energieprijzen stijgen en maken het produceren van voedsel duurder en minder zeker. Het verminderen van onze afhankelijkheid van fossiele grondstoffen is een urgente opgave.
Groene circulaire meststoffen, gekoppeld aan lagere emissies en productie van groen gas, zijn een schot voor open doel. Nederland kan leidend zijn in het recyclen van fosfor uit onze rioolwaterzuiveringen, het regionaal verwerken van groene reststromen en het verder sluiten van de stikstofkringloop. Dit is een onderwerp waar overheid en sectoren samen snel meters kunnen maken. Tijd voor actie.
Aan de slag!
Ons nieuwe kabinet heeft wel plannen maar nog geen duidelijk visie. De recente geopolitieke ontwikkelingen maken het echter eenvoudig om die visie op een kladblaadje te schrijven. De strekking is duidelijk: een sterk en meer strategisch autonoom Europa waarin Nederland een leidende rol speelt met sectoren waar wij goed in zijn: land- en tuinbouw, chemie, logistiek, techniek en wetenschap.
Landbouwbeleid is complex maar niet ingewikkeld. Je kunt maar op een paar onderwerpen echt sturen. Gebruik mest als strategisch onderwerp om bij te dragen aan de visie. Hou voor ogen wat we met elkaar willen: gezond en duurzaam voedsel in een mooi en welvarend land op een sterk en veilig continent. Met alle urgentie is nú het moment om het mestbeleid te herzien. Aan de slag!

Tekst: André Hoogendijk
André Hoogendijk is directeur van BO Akkerbouw. Hiervoor was hij werkzaam bij de KAVB. André is opgeleid als historicus en als landbouwkundige.
Beeld: BO Akkerbouw
