
Voorjaar - handige tips voor het poten

Grond- en knolgebonden ziekten beïnvloeden de opbrengst en kwaliteit van aardappelen negatief. Schimmels zoals Rhizoctonia solani, Helminthosporium solani (zilverschurft) en Colletotrichum coccodes (zwarte spikkel) vragen de meeste aandacht. Wat is de juiste aanpak?
De basis: bodembeheer en gewaskeuze
Gezonde groei is cruciaal en begint bij goed bodembeheer, gewaskeuzes en inzet van groenbemesters. Voor veel ziektes geldt dat er evenwichten in de bodem bestaan tussen ziekteverwekkers en hun vijanden (antagonisten). Niet te vroeg poten geeft bij aardappelen een snellere weggroei en minder kans voor bodemgebonden ziekten, plagen en aaltjes om hard toe te slaan. Stem de conditie van uw pootgoed daarom goed af op het pootmoment qua voorbehandeling.
Voeding vroeg in het seizoen
Goede voeding in een vroeg stadium kan uw gewas sneller op gang helpen. Met name fosfaat is vaak een belemmerende factor vroeg in het groeiseizoen. Deze kan meegegeven worden op de pootmachine in de vorm van meststof of in de vorm van een biostimulant die gebonden fosfaat vrijmaakt in de bodem. Meststoffen zijn flink in prijs gestegen op dit moment; biostimulanten niet! CEPACET® is een beproefde biostimulant van Syngenta die zowel fosfaat (P) als stikstof (N) vrijmaakt voor het gewas; je kunt dan 30% korten op jouw kunstmestgift.
Rhizoctonia: grond- én knolgebonden
Rhizoctonia is grond- en knolgebonden. Een partij pootgoed waar rhizoctonia op zit, dient behandeld te worden. Rhizoctonia op de knol zal de kiemen aantasten waardoor de opkomst vertraagd wordt en het aantal stengels per plant afneemt. Dat gaat ten koste van de sortering, het knolaantal en daarmee de opbrengst.
De zwarte sclerotiën van rhizoctonia zijn goed herkenbaar; zeker als u de knollen even wast. Rhizoctonia kan ook als losse schimmeldraden op de knol aanwezig zijn; deze kan je met het blote oog niet herkennen.
Knolbehandeling met MAXIM® 100FS
Controleer jouw pootgoed en voer eventueel een knolbehandeling uit met 0,25 L/1000 kg pootgoed met Maxim. Maxim werkt ook tegen zilverschurft, fusarium en phoma; drie lastige bewaarschimmels. Maxim schudden voor gebruik; één op één verdunnen met lauw water en toepassen op vitale poters met max. 2–3 mm spruitlengte. De partij na behandeling uiteraard drogen!
Grondbehandeling met AMISTAR® en TAEGRO®
Om grondgebonden rhizoctonia te beheersen, is Amistar beschikbaar. Grondgebonden rhizoctonia zal met name op de nateelt zichtbaar worden ten tijde van de oogst; zeker op gevoelige gronden en als de oogst door omstandigheden langer op zich laat wachten dan gedacht. Met name pootgoedtelers zullen erop gebrand zijn om een "schoon" eindproduct te oogsten. Minder rhizoctonia betekent meer verkoopbaar product in de maat en minder arbeidsuren in het leeshok. Ook voor tafelaardappeltelers is schilkwaliteit echt van belang. Dat geldt minder voor aardappelen die voor de verwerkende industrie of zetmeel worden geteeld.
Rhizoctonia kan ook biologisch worden aangepakt met het toegelaten product Taegro. Taegro bevat de specifieke bacteriestam Bacillus amyloliquefaciens FZB24. Deze bacterie is geselecteerd op zijn goede werking tegen rhizoctonia. Taegro en Amistar vullen elkaar goed aan qua werking.
Afhankelijk van het teeltdoel leidt dat tot de volgende adviezen:
Zilverschurft en zwarte spikkel: herkenning en behandeling
Zwarte spikkel (Colletotrichum coccodes) is met name grondgebonden. Nieuwe knollen worden vanuit de bodem aangetast. Een grondbehandeling met Amistar heeft een duidelijk effect op deze ziekte. Kiest u voor Amistar als rhizoctonia-behandeling, dan pakt u deze nevenwerking mooi mee. Andere in de markt toegelaten producten voor rhizoctonia-grondbehandeling hebben geen nevenwerking op zwarte spikkel.
Zilverschurft (Helminthosporium solani) is vooral een knolgebonden ziekte; de sporen overleven niet of nauwelijks in de grond maar gaan via het pootgoed over naar het volgende seizoen. Daarbij worden de nieuw aangelegde knollen in de bodem aangetast. Deze aantasting wordt doorgaans pas na de oogst in de loop van het bewaarseizoen zichtbaar. Uitgangsmateriaal dient dus behandeld te worden om schoon te starten. Knolbehandeling met 0,25 L/ton pootgoed met Maxim kan hier de oplossing bieden. Vaak moet er ook bij het sorteren en/of bij het inschuren aanvullend behandeld worden.

