Kabinet wil met nieuwe grondbank regie pakken op woningbouw, defensie en energietransitie

De Kamer nam in 2024 een motie van PRO (voorheen GroenLinks-Pvda) aan die opriep om als overheid meer regie te pakken op de grondmarkt om zo onder meer woningbouw aan te kunnen jagen.
In 2025 heeft vervolgens een verkenning naar de meerwaarde van een Landelijke Integrale Grondbank (LIG) plaatsgevonden. Deze richtte zich op minnelijke aankoop, het beheer en de verkoop van landbouwgrond.
Onderzoek naar meerwaarde landelijke grondbank
De conclusie is dat zo'n landelijke grondbank een 'toegevoegde waarde heeft', schrijft minister Elanor Boekholt-O’Sullivan (D66) van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening in een brief aan de Tweede Kamer. 'Door middel van een landelijk grondbank kan makkelijker op grote schaal grond aangekocht worden en vaker grond aangeboden worden aan functies die moeten wijken voor het realiseren van bijvoorbeeld woningbouw.'
Ook zou via zo'n initiatief volgens het kabinet grond verworven kunnen worden voor zaken waar nu nog geen grondverwerving voor plaatsvindt, zoals energieopgaven. Daarnaast kan zo'n grondbank een rol spelen bij gebiedsprocessen. 'Daarmee is een positieve bijdrage aan de toekomstbestendige inrichting van Nederland mogelijk.'
Uit de verkenning komt ook dat het ontbreken van een dergelijk landelijk en integraal instrument een knelpunt vormt bij de realisatie van nationale opgaven uit de Ontwerp Nota Ruimte.
Nieuwe grondbank moet landelijkere dekking krijgen
Op dit moment beschikt het Rijk al over verschillende grondbanken, zoals de Nationale Grondbank (NGB) van LVVN, die zich richt op landbouw- en natuurdoelen, en de ruilgrondenportefeuille van het Rijksvastgoedbedrijf (RVB).
Deze portefeuille van ongeveer 2.000 tot 2.500 hectare wordt nu al ingezet voor belangrijke nationale opgaven, maar is te klein en niet goed gespreid over het land, vindt het kabinet. De nieuwe grondbank zou een grotere, landelijk gedekte ruilgrondenportefeuille worden die deze bestaande initiatieven aanvult.
Voorwaarden worden nog uitgewerkt
Het doel is om de grondbank gefaseerd op te zetten en te beginnen met ruilgronden voor de grote rijksopgaven. Hierbij is de bestaande ruilgrondenportefeuille van het Rijksvastgoedbedrijf het startpunt.
Om de grondbank succesvol te laten opereren, werkt de minister nog verschillende voorwaarden uit, zoals de organisatie en kaders voor aan- en verkoop van gronden, de benodigde bekostiging en de samenwerking met al bestaande sectorale of provinciale grondbanken.
'Landelijke grondbank hard nodig'
Minister Boekholt – O’Sullivan (D66) van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening reageert in een persbericht op alle ontwikkelingen: 'Met deze grondbank kunnen we in Nederland sneller initiatieven realiseren zoals het bouwen van nieuwe huizen, kazernes en ruimte geven aan bedrijven en natuur. Door met deze nieuwe bank zelf grond te kopen, kunnen we sneller, slimmer en goedkoper de ruimte in ons land inzetten en benutten. Dat is hard nodig voor doorbraken op alle fronten.'
Minister blijft inzetten op agrarische ruilgronden
Of de grondbank er daadwerkelijk komt, is nog afwachten. Eerst moeten de kaders nog verder uitgewerkt worden.
Tot die tijd blijft het kabinet landbouwgrond die door het Rijksvastgoedbedrijf beheerd wordt, inzetten voor de realisatie van nationale opgaven. 'Door inzet van ruilgronden kunnen agrariërs hun bedrijf elders voortzetten als op de huidige percelen geheel of gedeeltelijk plaatsgemaakt moet worden voor realisatie van nationale doelen.'

